De geschiedenis van Sudetenland

Welkom op Tsjechie.net

Het Tsjechisch Forum, in een nieuw jasje!

Ad Verschoor

Donateur
Sudeten-Duitsers laten sporen na in Tsjechië

door: Ekke Overbeek

Bijna drie miljoen Duitstaligen moesten na de Tweede Wereldoorlog Tsjechoslowakije uit. Dat trof ook onschuldigen, die niets van de nazi's wilden weten.

763

Kasteel Bouzov is nu van de staat, maar de kloosterorde probeert het bezit terug te krijgen. © De Agostini/Getty Images

De Duitse Orde geeft het niet op. Vader Metodej Hofman gaat zeker beroep aantekenen tegen de recente beslissing van een Tsjechische rechter dat zijn congregatie kasteel Bouzov niet terugkrijgt. "Als het in Tsjechië niet lukt, gaan we naar het Europese Hof in Straatsburg." Behalve Bouzov claimen de monniken nog twee kastelen en een paar duizend hectare bos.

Het romantische sprookjesslot Bouzov, nu een belangrijke toeristische attractie in het oosten van Tsjechië, was voor de Tweede Wereldoorlog bezit van de Duitse kloosterorde. Nu heet het nadrukkelijk 'staatskasteel Bouzov', want het werd na de oorlog geconfisqueerd omdat het Duits bezit zou zijn. Alles wat Duits was moest toen verdwijnen. Ruim 2,5 miljoen Duitstalige inwoners van Tsjechoslowakije, die destijds een kwart van de bevolking vormden, werden de grens met Oostenrijk en Duitsland overgezet. Hun bezit werd overgenomen door de staat. Het was een collectieve straf voor het feit dat veel van de zogeheten 'Sudeten-Duitsers' Hitler enthousiast verwelkomden, toen die in 1939 Tsjechoslowakije bezette. Maar de straf trof ook degenen die zich juist tegen Hitler-Duitsland verzetten - zoals de leden van de Duitse Orde, die zich tegen het totalitaire bewind van de nazi's keerden.

Zwart hoofdstuk met een twist
De Duitse Orde streed al vóór de oorlog tegen het opkomende nationaal-socialisme. Toen de nazi's Tsjechoslowakije bezetten, pikten zij alle kastelen en landerijen van de Orde in.
Dat de verdrijving van de Sudeten-Duitsers allerlei zwarte randen kent, wordt in het huidige Tsjechië inmiddels hier en daar erkend. De krant Dnes noemde de verdrijving kortgeleden 'een zwart hoofdstuk in de geschiedenis, dat blijft zorgen voor twist'. En de gemeenteraad van Brno bood vorig jaar officieel excuus aan voor de 'dodenmars van Brno' - de gebeurtenis in 1945 waarbij 25.000 Duitstalige inwoners van die stad te voet richting de Oostenrijkse grens werden gedreven en waarbij duizenden mensen omkwamen.

Maar eensluidend is het oordeel over het verleden nog niet in Tsjechië. Andere raadsleden in Brno protesteerden fel tegen de excuses.
En ook presidentskandidaat en oud-minister van buitenlandse zaken Karel Schwarzenberg merkte vorig jaar bij de verkiezingen hoe gevoelig de zaak nog steeds ligt. Hij kreeg een lawine van kritiek over zich heen toen hij de verdrijving van de Duitsers omschreef als 'een schending van de mensenrechten'. Hij werd geen president.
Ook de christendemocratische politicus Pavel Belobradek kreeg afgelopen mei de wind van voren. Als vicepremier was hij de hoogste gast ooit op het jaarlijkse congres van de Sudeten-Duitse Landmannschaft in Beieren, de ooit invloedrijke lobbyorganisatie van verdreven Duitsers. Hij benadrukte dat hij niet kwam om excuses aan te bieden voor de verdrijving, maar voor velen in Praag was zijn aanwezigheid aanstootgevend genoeg.

"Deze vereniging van Sudeten-Duitsers is geen partner van de Tsjechische overheid", waarschuwde de conservatieve politicus Ivo Strejcek, medewerker van oud-president Vaclav Klaus. "De Sudeten-Duitsers hebben belang bij een formele relatie met de Tsjechische regering om de basis te leggen voor iets anders." Wat hij met 'iets anders' bedoelt snapt iedereen in Tsjechië. Twee jaar geleden schrapte de Landmannschaft het streven naar teruggave van onroerend goed uit de statuten. Maar de angst dat de Duitsers hun bezit terug komen halen is er onder het communisme decennialang ingegoten.

Duitse naam
Vader Hofman kan erover meepraten. De Duitse Orde is alleen in naam Duits. Hij zelf is een Tsjech, net als de andere monniken. "Het probleem is dat woord 'Duits' in onze naam", verzucht hij in het Gymnasium van de Orde in Olomouc. Vanaf de gang klinkt geroezemoes van leerlingen. Hij vertelt hoe hij in een dorp liep waar voor de oorlog Duitstaligen woonden. Hij droeg zoals altijd het kruissymbool van zijn congregatie, dat lijkt op een symbool van het Duitse leger. "Ik liep langs een groep jongeren. Zegt er een: 'Kijk, een nazi!' Dat de Orde tegen de nazi's streed interesseert niemand."
Historicus Martin Markel, zelf nazaat van Sudeten-Duitsers, begrijpt wel waarom de Tsjechen nog altijd zoveel moeite hebben om zich te verhouden tot hun verleden. De kwestie sterft in Duitsland en Oostenrijk een natuurlijke dood, zegt hij, nu de laatste getuigen van de etnische zuivering overlijden. "Mijn neven in Duitsland en Oostenrijk zijn er niet in geïnteresseerd", zegt Martin Markel. "Voor hen is het een gesloten boek."

Rechtvaardiging
In Tsjechië ligt dat anders, vertelt hij op de universiteit van Brno."Een derde van de Tsjechen woont nu in voormalig Sudetenland. Hun aanwezigheid daar heeft rechtvaardiging nodig." Volgens de historicus verklaart dat waarom anti-Duitse sentimenten worden gekoesterd, ondanks de vriendschappelijke politieke relatie met Berlijn. "Dat de verdrijving in orde was, is een legitimeringsmythe. Het gaat niet meer om Duitsers, het gaat om de Tsjechen zelf."

Sudeten-Duitsers
Duitsers woonden eeuwenlang in Bohemen en Moravië. Zolang deze gebieden bij Oostenrijk hoorden, waren ze Oostenrijkers. Na het uiteenvallen van de Habsburgse monarchie in 1918 werden ze opeens een minderheid in een nieuw land: Tsjechoslowakije. Al snel raakte het neologisme 'Sudeten-Duitsers' in zwang. Veel Sudeten-Duitsers verwelkomden Hitler als bevrijder, toen deze in 1939 Tsjechië bezette. Al tijdens de oorlog besloot de Tsjechoslowaakse president in ballingschap, Edvard Benes, alle Duitstaligen het land uit te zetten, ongeacht hun opstelling tijdens de oorlog.


Bron: Trouw.nl
 
Tomáš Cidlina (geboren in 1982) heeft in twee talen (Tsjechisch en Duits) het boek 'Leipsche' uitgegeven. Het geeft verhalen weer van nakomelingen van de 5000 mensen die op 15 juni 1945, voor het grootste deel te voet, vanuit Česká Lipa de grens met Duitsland moesten oversteken om daar een nieuw leven op te bouwen. Het boek is net gedrukt en ik ben met het lezen ervan begonnen. De schrijver geeft aan dat hij in zijn jeugd de informatie kreeg dat de Duitsers uit het westen de kwaaien waren en dat die uit het oosten slechts over de hoofden van mensen hadden geschoten. Nu na 77 jaar willen mensen wel weer eens zien hoe hun huizen er nu uit zien of willen voelen hoe zij indertijd woonden. Ook nu nog werd het enkelen verboden hun oude huis te betreden.
Ik zal ongetwijfeld hier nog later op terug komen wanneer ik het boek heb gelezen. Onvoorstelbaar wat Duitssprekende mensen in de grensstreek is aangedaan. Toen ik mijn huidige bezit kocht, is ook wel even overwogen of het van Duitstaligen geweest zou kunnen zijn.
 
Het genoemde boek in het Duits heeft als nummer ISBN 978-80-908264-4-1. Het is net gedrukt. Waarschijnlijk nog niet officieel uitgegeven. Nog geen verkoopprijs gevonden.
In ongeveer 100 pagina's geeft de schrijver een historisch overzicht van de gebeurtenissen. De andere 300 pagina's zijn gevuld met herinneringen van mensen die als kind of jong mens de Vertreibung en de daarop volgende ontberingen hebben meegemaakt.
Ik vond een interessante video op Youtube die met deze zaak te maken heeft. De link is:
In deze video wordt ook veel aandacht gegeven aan het vernietigen van de plaats Lidice naar aanleiding van het vermoorden in 1942 van de rechterhand van Hitler Reinhard Heydrich en het ophangen van zijn opvolger later.
In 1938 dachten de geallieerden dat ze Hitler tegen konden houden door een verdrag met hem te sluiten waarin hij alle delen van Tsjechië kreeg waar een Duitssprekende meerderheid woonde. Uit de verhalen in het boek is me duidelijk geworden dat men in die gebieden een Duits dialect sprak en vrijwel geen woord Tsjechisch kende. Voor zover er Tsjechen leefden, waren die op zichzelf aangewezen. Het verdrag is op 30-9-1938 in München gesloten. Behalve Hitler tekenden Chamberlain voor Engeland, Daladier voor Frankrijk en Mussolini voor Italië.
Toen Hitler het verdrag effectueerde en het gebied binnentrok, o.a. begeleid door een Zeppelin, moesten de er wonende Tsjechen overhaast vertrekken.
In mei 1945 waren de Amerikanen en Russen zo ver Tsjechië ingetrokken dat er van een vrede sprake was. Nu waren de rollen omgekeerd en gingen de Tsjechen verhaal halen bij de Duitssprekende inwoners van hun land. Er werden vele moorden gepleegd en velen konden hun piemel niet meer de baas en moesten die in willekeurig gekozen vrouwen stoppen. Daarnaast moesten de mensen met wat ze als belangrijkste mee konden nemen, vertrekken naar Duitsland. Een groep van ongeveer 5000 mensen uit Česká Lípa moest te voet in één dag naar een dichtbij gelegen plaats Waltersdorf in Duitsland lopen. Een hete dag en men kreeg geen eten of drinken. Men was overgeleverd aan een enkeling die medelijden had met de Vertriebenen en ze van eten en werk voorzagen. Duitsland lag na de oorlog in puin. Langzamerhand verspreidde men zich en kon een nieuw leven opbouwen. Ik heb enige weken geleden een tocht met de trein gemaakt. Had wellicht een 20 kg bagage bij me. Wanneer ik meer dan 2 km daarmee moest lopen nam ik een taxi. Natuurlijk was men in die tijd meer gewend om ver te lopen en zwaar werk te doen, maar 50 km met een 30 kg bagage is toch wel zeer uitputtend geweest. Velen overleefden dat dan ook niet. Rovers kwamen achter de stoet aan met een kar waarop ze de achtergelaten bagage legden en mee namen.
De mensen die in de latere DDR terecht kwamen konden wel gemakkelijker dan de anderen een reis naar hun oorsprong maken, maar in de DDR mocht niet over de Vertreibung worden gesproken.
In 1947 ben ik voor het eerst met mijn ouders op vakantie geweest. We troffen een zomer die lang in de lijst van de warmste zomers heeft gestaan. Wij hadden het huis gehuurd van mensen in de buurt van Apeldoorn. Zij woonden in het kippenhok. De Vertriebenen hebben door deze droogte extra honger geleden. Wij hadden de hongerwinter van 1944/1945 goed doorstaan en van de zomer van 1947 genoten.
Ook waren er nog velen in gevangenschap omdat ze in het Duitse leger dienst hadden moeten doen. Die zijn pas enkele jaren later weer vrij gekomen.
Wat hebben de mensen toch moeten doorstaan! Meerderen hebben zelfmoord gepleegd. De meesten hebben toch kans gezien een nieuw bestaan op te bouwen. Willen wel zien waar ze eens woonden maar hebben geen behoefte aan een financiële compensatie.
We namen aan dat een dergelijke situatie zich niet opnieuw zou voordoen. Helaas is die gedachte dit jaar in Oekraïne teniet gedaan.
 
Bovenaan